Kennis

Motivatie

Hoe lastig is het als je kind niet gemotiveerd is voor iets. Vooral als het gaat om wat wij als ouder(s), hulpverleners en leerkrachten belangrijk vinden. Soms lijkt het wel alsof je ze nergens voor gemotiveerd krijgt. Motivatie lijkt iets ongrijpbaars. Je bent wel of niet gemotiveerd ergens voor. Gemotiveerd zijn is niet iets wat je overkomt, je kunt jezelf  of de ander bewust motiveren. Maar hoe dan?

Minder gamen, eerder gaan slapen, eerder opstaan, het opruimen van een slaapkamer, naar school gaan, maken van huiswerk, het zoeken van een baantje, gezonder eten, en ga zo maar door. Aspecten die hierin mee spelen, is de leeftijd, interesse, mogelijkheden, overzicht, inzicht, en het doel. Hoe vaak hoor je: ‘Waarom moet ik dat leren, daar doe ik later toch niks mee? En wat geeft het dat al mijn spullen en kleding op de grond liggen, ik heb er geen last van! En als jij er last van hebt dan kijk je er toch niet naar!

Motivatie of motiveren is een vaardigheid. En als het kind deze vaardigheid nog niet goed bezit, dan kan dat voor problemen zorgen. Zoals het niet op tijd af hebben van het huiswerk, ruzie met ouders, of geen geld hebben voor de leuke dingen. Motivatie komt van weten wat je wil en hoe je er komen moet, of hoe je het kan behalen. Daarom is het belangrijk voor het kind te weten waarom het doet wat het doet. Hoe beter hij of zij dat weet, hoe gemotiveerder het zal zijn.

Bij motivatie heb je een doel nodig. En als je een doel voor ogen hebt is de vraag of het doel haalbaar is en welke stappen je moet maken om het doel te bereiken. Maar de stappen klein zodat elk stapje wat gemaakt wordt een succeservaring wordt. Is het doel bijvoorbeeld het behalen van een rijbewijs? Welke stappen moet je maken om dat doel te behalen. Je maakt dan subdoelen zoals: het informeren bij een rijschool over de regels en de kosten van de lessen. Het maken van een afspraak met de rijschool, kennismaken met de instructeur, de eerste rijles, planning maken voor het leren van de theorie, het plannen van het examen theorie, en uiteindelijk na ongeveer 20/25 lessen het plannen van het praktijkexamen. Wat is het doel van het behalen van het rijbewijs? Misschien wel het vooruitzicht op een baan, of dat het kind de auto van ouders mag lenen voor een dagje of een weekendje weg met vrienden?

Door dat alle stappen duidelijk zijn en het kind weet met welke subdoelen het officiële doel behaald kan worden, zal de motivatie groter zijn. Stel een doel en plan tijd in. Door te plannen creëer je structuur en een ritme. Plannen gaat niet alleen over wat het moet doen, maar ook over wat het kind wil. Plannen geeft controle over het leven, zowel op korte termijn als lange termijn.

In sommige opzichten lijkt het kind geheel niet te motiveren, en dan is het even goed zoeken waar de motivatie wel ligt of dat er mogelijk angsten meespelen. Kinderen met autisme hebben vaker last van faalangst. Omdat de wereld soms zo onbegrijpbaar voor hen is en zij de informatie soms trager verwerken hebben ze soms wat meer tijd, ruimte en duidelijkheid nodig. En vooral…positieve ervaringen! Zo zij een directeur van een school over onze zoon die moeite had met naar school gaan: ‘Uw zoon is niet gemotiveerd om naar school te komen, en moet eigenaar worden van zijn eigen problemen.’ Onze zoon wilde wel degelijk naar school, want hij wilde een diploma behalen. Het probleem lag hem in het opstapelen van achterstallig huiswerk en het moeilijk vinden om hulp te vragen. Zijn weerstand kwam niet uit een gebrek aan motivatie, maar uit onduidelijkheden en angst. Op het moment dat alle onduidelijkheden in stapjes werden opgelost , lukte het hem gewoon weer naar school gaan.

Mijn ervaringen en tips in het kort:

1) Blijf in gesprek met het kind, toon begrip (ook al vindt je het soms onhandig wat de ander vindt, denkt of doet) en zoek samen naar het probleem en de oplossingen. Kinderen maar ook volwassenen zijn sneller gemotiveerd om iets te doen vanuit eigen keuzes, niet vanuit ongevraagd advies, eenzijdige afspraken of  de mening van een ander.
2) Laat het kind eigen keuzes maken, en heb er vertrouwen in. Keuzes en oplossingen kunnen altijd weer aangepast en bijgesteld worden. En…van fouten mag je leren!!
3) Voor welk doel is het kind gemotiveerd en welke stappen moeten er gemaakt worden om er te komen. Maak een planning (door het op te schijven) en maak het op die manier duidelijk, overzichtelijk, inzichtelijk en haalbaar. Succeservaringen zijn belangrijk m.b.t. het behouden van de motivatie.
4) Plan een evaluatie om te bekijken welke stappen er gemaakt zijn, wat lukt of wat minder goed lukt en wat er nog nodig is om de doelen te behalen?
5) Weet dat als het kind aangeeft ik heb geen zin, ik kan het niet, of ik wil niet  dat daar een emotie aan vast zit. Vaak speelt angst, onzekerheid en onduidelijkheid een grote rol. Het gaat meestal niet om onwil, maar om onmacht! Probeer er achter te komen waar de weerstand vandaan komt.
6) Bekijk of het doel haalbaar is voor het kind. Als het kind vanuit zijn autisme het erg moeilijk vind om sociale contacten te leggen of onderhouden, dan is buitenspelen en vrienden maken waarschijnlijk geen haalbaar doel. Het maken en onderhouden van contacten is een andere vaardigheid.

Petra Dekker
www.petradekker.nl